Daar kraait geen haan naar!

Daar kraait geen haan naar!

Buren

Joost en Leonie, twee hardwerkende twintigers,  konden hun geluk niet op.

Net getrouwd, onder huwelijkse voorwaarden natuurlijk, konden zij op 1 september hun nieuwe woning betrekken.

De dertiger jaren woning die ze hadden gekocht stond in het centrum van Meppel. Op de laatste zaterdag in augustus zouden ze hun woning gaan bekijken en ook al kunnen kennismaken met de buren.

Aan de ene kant bleek een gezin te wonen met twee kleine kinderen.

Aan de andere kant bleek een oudere, alleenstaande man te wonen, die -afgaande op de inrichting van zijn huis-, het beste als ”alternatief” getypeerd kon worden. Zijn tuin was een uiting van begeleid wild tuinieren en achter het huis liepen wat kippen rond.

“Ja,” zei de buurman, toen hij zijn tuin liet zien aan Joost en Leonie “er moet nog een haan bij die kippen, die komt volgende week.”

Een week later betrokken Joost en Leonie hun woning.

Al na een paar dagen bleek dat de inmiddels aangeschafte haan de gewoonte had om voor dag en dauw fel van leer te trekken. Iedere ochtend om 4 uur liet het beest zich van zijn beste kant horen.

Leonie en Joost kregen slaapproblemen en onvoldoende rust.

Na een week besloten ze de buurman aan te spreken op het kraaien van zijn haan. Nadat ze hadden uitgelegd wat het probleem was zei hij:

Tsja, daar zullen jullie aan moeten wennen. Dat hoort er nu eenmaal bij als je naast elkaar woont

Na enige weken was de maat vol.

De buurman bleek niet voor rede vatbaar en Leonie en Joost hadden besloten mij om advies te vragen over de vraag, of ze de geluidsoverlast moesten accepteren.

Rechtspraak

Er wordt nog wel eens geprocedeerd over kraaiende hanen.

De rijdende rechter oordeelde in een soort gelijk geschil ooit als volgt:

“Beoordeling van het geschil.

De haan.

Voldoende aannemelijk is geworden dat de door Familie xxx gehouden haan inderdaad geluidshinder veroorzaakt. Daarmee is echter nog niet gezegd dat dit jegens Familie xxx ook onrechtmatig is te achten in de zin van de artikelen 5.37 en 6.162 van het Burgerlijk Wetboek.

Dat is immers afhankelijk van de ernst en de duur van de hinder en de daardoor veroorzaakte overlast in verband met de verdere omstandigheden van het geval, waaronder de plaatselijke omstandigheden, het belang dat met het nastreven van de hinder veroorzakende activiteit wordt nagestreefd of bereikt en de maatregelen die zijn genomen om deze overlast zoveel mogelijk te beperken.

Daarover wordt als volgt geoordeeld. Op zichzelf is het ongetwijfeld waar dat het geluid van een kraaiende haan tamelijk doordringend is en ver reikt. Tegelijkertijd moet echter worden vastgesteld dat het houden van hanen in een landelijk gebied als xxxx sinds mensenheugenis als normaal is beschouwd. Het houden van pluimvee en (klein)vee is inherent aan een landelijke samenleving en voorziet aldaar klaarblijkelijk in een behoefte. Dat blijkt ook wel uit het feit dat in de directe omgeving meerdere hanen worden gehouden. Voorts moet worden vastgesteld dat Familie xxx heeft voldaan aan de in redelijkheid aan haar te stellen eisen tot het beperken van de geluidsoverlast, door haar pluimvee gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd onder te brengen in een verduisterd nachthok. Daarbij tekent de rijdende rechter aan, dat het wel de bedoeling is dat zij dat hok ’s nachts niet openlaat en niet te vroeg opent, met name als de zon vroeg opkomt. Samengevat oordeelt de rijdende rechter dat van onrechtmatige hinder niet is gebleken en dat Familie xxx haar haan mag houden.”

Kortom, een bepaalde mate van hinder moet je accepteren, afhankelijk van de omstandigheden.

ADVIES

Voor Leonie en Joost geldt natuurlijk als argument dat ze niet in een landelijke omgeving wonen. De buurman zal tenminste de geluidsoverlast moeten beperken door de haan gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd onder te brengen in een verduisterd nachthok en dat hok niet te vroeg te openen.

Mijn advies was om de buurman tot mediation te bewegen om de relatie met hem goed te houden. Mocht hij desondanks voet bij stuk houden, dan zou een kort geding met als vordering verwijdering van de haan goede kans van slagen maken.

Voor de geinteresseerden hier vindt u het Bindend advies van de rijdende rechter.

Eigendom & Privacy

Eigendom & Privacy

Eigendom is het meest omvattende recht dat je op een zaak kunt hebben.

Dit betekent dat je als eigenaar mag bepalen op welke wijze je met je zaak, bijvoorbeeld je woning omgaat. Natuurlijk is je vrijheid als eigenaar van je woning niet onbeperkt en wordt dit begrensd door rechten van anderen. Zo kan er sprake zijn van misbruik van recht of bijvoorbeeld inbreuk op de plaatselijke bouwverordening als je een schutting van 4 meter hoog bouwt.

Ook het recht op privacy van anderen kan een rol spelen bij boordeling van je rechten als eigenaar.

Zo was onlangs in een kort geding in Almelo de vraag aan de orde of buren verwijdering van camera’s kunnen eisen van de eigenaar van een belendend perceel.

De rechter is ter plaatse gaan kijken. Volgens de rechter is niet aannemelijk geworden dat met de camera’s beelden worden gemaakt van het perceel van eisers. Aannemelijk is geworden dat gedaagden de camera’s niet op eenvoudige wijze kunnen richten op het erf van eisers en dat eisers geen behoefte hebben het perceel van eisers met de camera’s te bekijken. De vordering tot verwijdering van de camera’s werd dan ook afgewezen.

Was er sprake geweest van eenvoudig te bewegen camera’s die ook gericht stonden op het perceel van de buren, dan zou de vordering tot verwijdering wellicht wel zijn toegewezen op grond van privacyinbreuk.

Voor de geïnteresseerden: uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBOVE:2013:1909&keyword=Privacy